Het project heeft betrekking op de winst uit onderneming in box 1 van de inkomstenbelasting, de vennootschapsbelasting, de dividendbelasting en de bronbelasting op renten, royalty’s en dividenden. Ook andere regelingen die aan deze winstbelastingen raken, vallen binnen de reikwijdte van het onderzoek. De minimumbelasting (Pijler 2) blijft buiten beschouwing vanwege de lopende internationale en Europese ontwikkelingen op dat terrein.
Via een online enquête wil Financiën voorbeelden verzamelen van onderdelen van wet- en regelgeving die in de praktijk lastig te begrijpen zijn of die veel administratieve lasten veroorzaken. De uitkomsten worden gebruikt voor nader onderzoek naar de gesignaleerde knelpunten en voor vervolggesprekken met bedrijven en organisaties.
Vragen
Ondernemers en bedrijven krijgen onder meer vragen voorgelegd over de duidelijkheid van fiscale begrippen, de hoeveelheid regels en uitzonderingen, de frequentie waarmee wetgeving verandert en de administratieve inspanningen die gemoeid zijn met aangiften en informatieverplichtingen. Ook wordt gevraagd hoeveel tijd en geld ondernemingen besteden aan fiscale compliance en advisering, hoe vaak contact wordt opgenomen met de Belastingdienst en in hoeverre gebruik wordt gemaakt van AI bij fiscale vraagstukken.
Belastingadviseurs, accountants, intermediairs en brancheorganisaties worden specifiek bevraagd over onderdelen van de winstbelastingen die volgens hen de meeste complexiteit veroorzaken. Daarbij noemt Financiën onder meer de deelnemingsvrijstelling, liquidatieverliesregeling, CFC-regels, reorganisatiefaciliteiten, de fiscale eenheid, renteaftrekbeperkingen, antimisbruikbepalingen, de innovatiebox en de verrekening van buitenlandse belasting. Ook wordt gevraagd welke onderdelen van het aangifte- en bezwaarproces als het meest tijdrovend of foutgevoelig worden ervaren en welke oplossingsrichtingen denkbaar zijn voor vereenvoudiging.
De internetconsultatie loopt tot en met 3 augustus 2026 en is hier te vinden.
