Het onderzoek richt zich op de kansspeldeelsectoren die momenteel zijn vrijgesteld van verplichtingen uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), waaronder loterijen, landgebonden sportweddenschappen en speelautomaten. De aanleiding ligt in de ingrijpende wijzigingen van zowel het nationale kansspelstelsel als het Europese antiwitwaskader. Met de komst van de AMLR verandert de systematiek van het toezicht. Lidstaten mogen alleen vrijstellingen verlenen wanneer een risicobeoordeling overtuigend aantoont dat sprake is van een laag risico op witwassen en terrorismefinanciering. De onderzoekers benadrukken dat deze toets strikter en explicieter wordt dan onder het huidige regime.
Kritiek
Een opvallend element in het rapport is de reflectie op gedeeltelijke vrijstellingen. De AMLR introduceert formeel de mogelijkheid om slechts delen van verplichtingen buiten toepassing te laten. Volgens de onderzoekers is dat in de praktijk juridisch en systematisch lastig houdbaar. De kernverplichtingen van het antiwitwaskader (cliëntenonderzoek, monitoring en meldplicht) functioneren als een geïntegreerd geheel. Het selectief loslaten van onderdelen kan de effectiviteit van het stelsel aantasten. Vanuit die benadering ligt een volledige vrijstelling bij een laag risico meer voor de hand dan een gedeeltelijke.
Analyse van witwasroutes
Methodologisch kiest Dialogic voor een benadering waarin concrete witwasroutes centraal staan. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar theoretische scenario’s, maar ook naar praktische uitvoerbaarheid en economische aantrekkelijkheid. Factoren als maximale input, rendement en slaagkans bepalen in belangrijke mate de inschatting van risico’s. De analyse laat zien dat witwasrisico’s zich niet beperken tot transacties met hoge nominale bedragen. Ook patronen van kleine, frequente betalingen kunnen relevant zijn. Deze dynamiek bemoeilijkt detectie en vraagt om een bredere blik op transactiestromen en gedragskenmerken.
Beperkingen
Een structurele beperking die in het rapport wordt benoemd, betreft de beschikbaarheid van meldings- en signaleringsinformatie. Door bestaande vrijstellingen zijn veel kansspelaanbieders niet verplicht ongebruikelijke transacties te registreren of te melden. Het ontbreken van meldingen biedt daardoor geen sluitend bewijs voor een laag risicoprofiel. Volgens de onderzoekers vereist dit terughoudendheid bij het interpreteren van statistieken en incidentgegevens. Risico’s kunnen aanwezig zijn zonder dat zij zichtbaar worden in formele toezichtdata.
Veldwerk
Naast juridische analyse, deskstudie en interviews bevat het onderzoek een empirisch onderdeel. Via veldwerk zijn speelautomatenhallen bezocht om de feitelijke werking van beheersmaatregelen te toetsen. Daarbij is onder meer gekeken naar betaalgedrag, limietsystemen en de toepassing van cashless play. De bevindingen wijzen op aanzienlijke variatie in operationele praktijk en naleving. Formele regels en beleidskaders bieden volgens de onderzoekers geen garantie voor uniforme risicobeheersing. Feitelijke omstandigheden en gedragspatronen blijven doorslaggevend.
Beleidsmatige betekenis
Het tussenrapport is nadrukkelijk bedoeld als input voor beleidsafwegingen rond vrijstellingen onder de AMLR. Het bevat geen oordeel over individuele marktpartijen, maar richt zich op structurele kenmerken en kwetsbaarheden van deelsectoren. De centrale boodschap is dat vrijstellingen onder het huidige regime niet automatisch kunnen worden doorgetrokken naar het toekomstige Europese kader. Een laag risico moet expliciet en overtuigend worden onderbouwd.
