De NOB heeft de bijdrage geschreven omdat er een brede politieke en maatschappelijke discussie loopt over verschillende onderdelen van het wetsvoorstel. “De maatschappelijke onrust heeft er inmiddels toe geleid dat de Minister van Financiën heeft aangekondigd om het wetsvoorstel, dat aan de Eerste Kamer was gezonden, te herzien.” Daarom heeft de orde haar visie nog eens uiteengezet.
De NOB focust in de bijdrage op vermogensaanwas- versus vermogenswinstbelasting, eigen gebruik tweede woningen en verliesverrekening. Daarnaast wordt ook nog een onderwerp dat is opgeworpen in een (aangenomen) motie behandeld. De NOB ondersteunt de invoering van de Wet werkelijk rendement box 3 per 2028, “ondanks benodigde aanpassingen”. De wet biedt wat de belastingadviseurs betreft een rechtvaardiger en houdbaarder stelsel dan de huidige regeling met keuzevrijheid tussen forfaitair en rechtsherstel.
‘Niemand hanteert aanwasbelasting’
In de discussie over de keuze tussen vermogensaanwasbelasting en vermogenswinstbelasting neemt de NOB duidelijk stelling. “De NOB geeft de voorkeur aan vermogenswinstbelasting op basis van rechtvaardigheid, inkomensbegrip, neutraliteit en internationale vergelijking. Internationale vergelijking toont aan dat, voorzover bekend, geen westers land een vermogensaanwasbelasting hanteert en dat invoering ervan in Nederland zonder internationale afstemming risico’s op dubbele belastingen en concurrentienadelen met zich meebrengt.”
Wetenschappers stelden onlangs nog dat de vermogensaanwasheffing de beste optie is voor box 3.
Verliesverrekening met terugwerkende kracht
Verder stelt de orde dat eigen gebruik van tweede woningen niet belast zou moeten worden, omdat dat geen inkomen genereert. maar een consumptief gebruik betreft, “in tegenstelling tot verhuur die wel inkomensgenererend is”. Verliesverrekening zou ook met terugwerkende kracht moeten kunnen, vindt de NOB, waar het wetsvoorstel dat nu nog beperkt tot carry-forward. Een aanvullende carry-back zou bij voorkeur mogelijk moeten zijn met een termijn van drie jaar, om beter aan het inkomensbegrip te voldoen.
WOZ-waarde
Verder waarschuwen de belastingadviseurs tegen het gebruik van WOZ-waarde per 1 januari 2028 als aanvangswaarde voor woningen vanwege afwijking ten opzichte van marktwaarde. “Wij adviseren een tegenbewijsregeling of generieke opslag om onevenwichtigheid te voorkomen.” Tot slot wil de NOB dat de budgettaire impact van het wetsvoorstel opnieuw wordt geëvalueerd, mede door het herberekenen van het budgettaire beslag van het rechtsherstel tot 2027, om mogelijke ruimte voor aanpassingen te vinden.
