Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS over inkomen en vermogen. Onder belastingdruk verstaat het statistiekbureau de betaalde inkomstenbelasting en de premies voor de AOW, Anw en Wlz als percentage van het bruto huishoudensinkomen. Indirecte belastingen, zoals btw, zijn daarin niet meegenomen.
In 2011 bedroeg de mediane belastingdruk nog 15,4 procent. Daarna volgde, met enkele tussentijdse stijgingen, een daling. In 2018 was de belastingdruk bijvoorbeeld 14,1 procent, in 2020 12,9 procent en in 2024 voorlopig 12,3 procent.
Hoogste inkomens betalen kwart inkomen
De verschillen tussen inkomensgroepen zijn groot. Bij de tien procent huishoudens met de hoogste bruto-inkomens bedroeg de belastingdruk in 2024 24,9 procent. Dat is iets meer dan in 2014, toen deze groep 24,7 procent betaalde. Voor vrijwel alle andere inkomensgroepen is de belastingdruk sindsdien juist gedaald.
De laagste tien procent inkomens betaalt volgens het CBS in doorsnee geen inkomstenbelasting en premies volksverzekeringen, doordat het inkomen daarvoor vaak te laag is. Deze huishoudens hebben wel relatief veel last van indirecte belastingen, zoals btw, maar die zijn niet in de cijfers verwerkt.
Tweeverdieners aanzienlijk voordeliger uit
Ook de samenstelling van een huishouden maakt veel verschil. Tweeverdieners hebben bij een vergelijkbaar huishoudensinkomen een duidelijk lagere belastingdruk dan eenverdieners, eenoudergezinnen en alleenstaanden.
Bij een bruto jaarinkomen tussen 100.000 en 110.000 euro bedraagt de belastingdruk voor tweeverdieners bijvoorbeeld 11,9 procent, tegenover 19,4 procent voor eenverdieners. Over de gehele groep gerekend komt de mediane belastingdruk van eenverdieners uit op 16,7 procent en die van tweeverdieners op 15,9 procent. Eenpersoonshuishoudens hebben bij een gelijk inkomen vaak de hoogste belastingdruk.
Bij hogere inkomens lopen de verschillen verder op. Bij een inkomen van 250.000 euro bedraagt de belastingdruk voor een alleenstaande 36,8 procent en voor een eenverdiener 35,6 procent. Een tweeverdienershuishouden met hetzelfde inkomen komt uit op 27,6 procent.
Zelfstandigen enige groep met stijgende belastingdruk
Gepensioneerden hebben met 5,5 procent de laagste mediane belastingdruk. Dat hangt er onder meer mee samen dat AOW-gerechtigden geen AOW-premie meer betalen en relatief vaak tot de lagere inkomensgroepen behoren.
Zelfstandigen zitten juist aan de andere kant van het spectrum. Hun mediane belastingdruk bedroeg in 2024 15,6 procent, tegenover 14 procent voor werknemers. Zelfstandigen zijn bovendien de enige van de door het CBS onderscheiden groepen waarvan de belastingdruk sinds 2014 is gestegen. Toen bedroeg die nog 13,4 procent. Het CBS wijst er daarbij op dat in dezelfde periode de zelfstandigenaftrek is afgenomen.
Wanneer ook premies voor onder meer werkloosheid, ziekte, arbeidsongeschiktheid en pensioen worden meegerekend, lag de totale mediane belasting- en premiedruk van huishoudens in 2024 op 32,3 procent van het bruto huishoudensinkomen. In 2011 was dat nog 35,2 procent.
Bron: CBS
