De consultatie is hier te vinden. Voor accountants zijn met name de volgende voorstellen van belang:
- Versnelde invordering wordt beperkt tot situaties waarin een belastingschuldige zich vestigt buiten de EU, de EER of Zwitserland.
- Nieuwe bestuurdersaansprakelijkheid voor bestuurders van buitenlandse lichamen zonder vaste inrichting in Nederland, bijvoorbeeld buitenlandse digitale ondernemingen die wel Nederlandse btw verschuldigd zijn.
- Vooraankondiging van aansprakelijkstelling wordt verplicht voor alle belastingen en niet langer alleen voor de omzetbelasting.
- Procedurele regels rond aansprakelijkstelling worden verduidelijkt, onder meer door bekendmaking via deurwaardersexploot mogelijk te maken en een regeling op te nemen voor inmiddels ontbonden rechtspersonen.
- Nieuwe regeling voor de verjaring van belastingaanslagen wanneer een derde aansprakelijk is gesteld, als reactie op recente rechtspraak van de Hoge Raad.
Beperking van de versnelde invordering
Op grond van de huidige Invorderingswet kan de Belastingdienst een belastingaanslag in bepaalde gevallen direct invorderen wanneer een belastingschuldige Nederland verlaat. Volgens het kabinet is die regeling binnen Europa niet langer goed verdedigbaar. De EU, de EER en Zwitserland kennen immers regelingen voor wederzijdse bijstand bij de invordering van belastingschulden.
Daarom wordt voorgesteld de versnelde invordering alleen nog mogelijk te maken wanneer een belastingschuldige zich vestigt of woont buiten deze landen. Daarmee wordt voorkomen dat de regeling het vrije verkeer binnen Europa belemmert.
Bestuurders van buitenlandse ondernemingen sneller aansprakelijk
Een belangrijke uitbreiding betreft de bestuurdersaansprakelijkheid. De huidige wet kent een lacune voor buitenlandse rechtspersonen zonder vaste inrichting in Nederland. In de praktijk speelt dit bijvoorbeeld bij buitenlandse digitale ondernemingen die Nederlandse btw moeten afdragen, maar hier niet vennootschapsbelastingplichtig zijn. Wanneer dergelijke ondernemingen hun belastingschulden onbetaald laten, kan de Belastingdienst de bestuurder momenteel vaak niet aansprakelijk stellen. Met het wetsvoorstel wordt hiervoor een afzonderlijke aansprakelijkheidsregeling geïntroduceerd. Daarmee kunnen bestuurders van buitenlandse lichamen zonder vaste inrichting voortaan onder voorwaarden alsnog persoonlijk aansprakelijk worden gehouden.
Meer rechtsbescherming bij aansprakelijkstelling
Voordat de Belastingdienst een bestuurder of andere derde aansprakelijk stelt, moet zij deze eerst de gelegenheid geven om een zienswijze naar voren te brengen. Die verplichting geldt nu alleen voor aansprakelijkstellingen voor de omzetbelasting. Voorgesteld wordt deze vooraankondiging verplicht te maken voor alle belastingen. Dat zorgt voor een uniforme procedure en versterkt de rechtsbescherming van aansprakelijk gestelden.
Praktische verbeteringen in de procedure
Daarnaast bevat het wetsvoorstel enkele technische, maar praktisch relevante wijzigingen. Zo kan een beschikking aansprakelijkstelling voortaan ook worden bekendgemaakt via een deurwaardersexploot. Ook wordt geregeld hoe aansprakelijkstelling plaatsvindt wanneer de aansprakelijk gestelde rechtspersoon inmiddels is opgehouden te bestaan. Hiermee wordt meer duidelijkheid gecreëerd over de rechtsgeldige bekendmaking van beschikkingen.
Nieuwe verjaringsregeling na arrest van de Hoge Raad
De meest in het oog springende wijziging is waarschijnlijk de aanpassing van de verjaringsregeling. Aanleiding vormt een arrest van de Hoge Raad uit 2025. De Hoge Raad oordeelde dat uitstel van betaling dat wordt verleend aan een aansprakelijk gestelde, de verjaring van de onderliggende belastingschuld niet schorst. Daardoor kon de belastingaanslag tijdens een langdurige bezwaar- of beroepsprocedure verjaren, waarna de aansprakelijk gestelde met succes een beroep op verjaring kon doen. Volgens het kabinet is dat een onwenselijke uitkomst. Daarom wordt voorgesteld de verjaringstermijn te verlengen zolang een bezwaar- of gerechtelijke procedure over de aansprakelijkstelling loopt. Daarmee wordt voorkomen dat de Belastingdienst uitsluitend door de duur van een procedure haar invorderingsmogelijkheden verliest.
Tot slot
Hoewel bepaalde wijzigingen technisch van aard zijn, bevatten de voorstellen diverse praktische aanpassingen die voor accountants relevant zijn. Vooral de uitbreiding van de bestuurdersaansprakelijkheid en de nieuwe regeling voor de verjaring verdienen aandacht. Daarnaast zorgen de voorgestelde wijzigingen voor meer uniformiteit in de aansprakelijkstellingsprocedure en sluiten zij beter aan bij Europese regelgeving en de recente rechtspraak van de Hoge Raad.
Reageren is mogelijk tot 14 augustus 2026.
Derk van Geel is advocaat/partner Insolventie & Herstructurering bij act legal.
