• Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
  • Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
Fiscaal Vanmorgen

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
Home » WW-uitkering terecht geweigerd wegens gefingeerd dienstverband bij administratiekantoor?

WW-uitkering terecht geweigerd wegens gefingeerd dienstverband bij administratiekantoor?

Nieuws

30 juni 2023 door Fiscaal Vanmorgen

Volgens zijn papieren was een man in dienst geweest als assistent-boekhouder bij een administratiekantoor. Het UWV stelde echter dat sprake was van een gefingeerd dienstverband en wees de aanvraag voor een WW-uitkering af. De rechtbank Den Haag boog zich onlangs over de rechtmatigheid van de afwijzing.

De man was op 30 maart 2020 ziekgemeld per 26 maart 2020. Daarbij werd vermeld dat hij per 1 maart 2020 in dienst is getreden bij een BV (een administratiekantoor) en dat zijn dienstverband per 31 maart 2020 eindigt. Het UWV heeft op 15 april 2020 een Ziektewet (ZW)-uitkering aan de man toegekend met ingang van 30 maart 2020. Naar aanleiding van een interne fraudemelding is onderzoek gedaan naar de rechtmatigheid van deze ZW-uitkering. Het UWV besloot daarna de uitkering te weigeren en bruto € 43.207,31 aan ZW-uitkering terug te vorderen. Op 3 september 2021 werd daarna ook een door de man aangevraagde WW-uitkering afgewezen.

Rechtszaak: standpunt UWV

Het UWV stelt zich bij de daaropvolgende rechtszaak op het standpunt dat uit het door het UWV verrichte onderzoek is gebleken dat er sprake was van een gefingeerd dienstverband. De aanvrager van de uitkeringen heeft niet aangetoond dat hij als werknemer heeft gewerkt bij de BV. Er is geen sprake geweest van een privaatrechtelijke dienstbetrekking en de man was dan ook geen werknemer in de zin van de ZW, zodat hij niet verzekerd was op grond van de ZW. Het al toegekende recht op ZW-uitkering moest het UWV daarom met terugwerkende kracht intrekken. Bij besluit van 12 augustus 2021 heeft het UWV aan de man ten onrechte betaalde ZW-uitkering van € 43.207,31 bruto over de periode van 30 maart 2020 tot en met 1 augustus 2021 van hem teruggevorderd.

Omdat de aanvrager geen werknemer was en dus niet verzekerd was op grond van de WW is bij besluit van 3 september 2021 terecht geweigerd om hem een uitkering op grond van de WW toe te kennen.

Verweer aanvrager uitkeringen

De aanvrager stelt zich op het standpunt dat het UWV de besluiten heeft genomen zonder zorgvuldig en deugdelijk onderzoek te doen. Er is volgens hem wel sprake van een privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen hem en zijn voormalige werkgever, de BV. Het UWV heeft ten onrechte niet alle feiten en omstandigheden bij de beoordeling betrokken. De aanvrager was werkzaam bij zijn voormalige werkgever in de functie van assistent-boekhouder. Er waren duidelijke werkafspraken en er was sprake van eenzijdig gericht werkgeversgezag met opdrachten en aanwijzingen. Als tegenprestatie heeft de aanvrager een brutoloon van € 3.500,- ontvangen. De ex-werkgever van de aanvrager heeft dit ook bevestigd, voert hij onder meer aan.

Oordeel rechtbank

Bij de vraag of de man recht had op een ZW- en WW-uitkering moet worden beantwoord of het UWV aannemelijk heeft gemaakt dat er geen sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen de aanvrager en het administratiekantoor, maar van een gefingeerd dienstverband. Daarvoor is met name van belang of de man daadwerkelijk werkzaamheden heeft verricht voor het administratiekantoor.

Voor het aannemen van een privaatrechtelijke dienstbetrekking moet sprake zijn van een verplichting tot het persoonlijk verrichten van arbeid, een gezagsverhouding en een verplichting tot het betalen van loon.

Het UWV heeft het standpunt, dat sprake is van een gefingeerd dienstverband omdat de aanvrager in het geheel geen werkzaamheden voor de BV heeft verricht, gebaseerd op een onderzoeksrapport van 31 juli 2021. De rechtbank is van oordeel dat het UWV met dit rapport aannemelijk heeft gemaakt dat tijdens de in geding zijnde periode geen sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen de aanvrager en het administratiekantoor.

De rechtbank stelt daarbij voorop dat uit het onderzoek blijkt dat het adres waar de BV op stond ingeschreven bij de Kamer van Koophandel een woning in een portiekflat bleek te zijn. Verder werd op het adres waar volgens de aanvrager en de oud-werkgever de werkzaamheden door de aanvrager werden uitgevoerd, het bedrijf niet aangetroffen en de pandeigenaar was niet bekend met de BV. Ook heeft de aanvrager geen stukken overgelegd waaruit blijkt dat hij de werkzaamheden daadwerkelijk heeft verricht. De aanvrager heeft tijdens het gesprek op 9 juni 2021 verklaard dat hij in de twee weken dat hij voor het administratiekantoor heeft gewerkt zes of zeven klanten heeft aangebracht. Op verzoek van de onderzoeker heeft de oud-werkgever vervolgens namen van door de aanvrager aangebrachte klanten doorgegeven. De twee klanten van wie de onderzoeker een telefoonnummer kon achterhalen, verklaarden dat zij niet bekend zijn met de BV of de aanvrager. De overige drie genoemde klanten waren onbereikbaar. Hieruit blijkt volgens de rechtbank voldoende dat de aanvrager niet daadwerkelijk werkzaamheden heeft verricht voor de BV. Nu aan deze voorwaarde voor het aannemen van een privaatrechtelijke dienstbetrekking niet wordt voldaan, behoeven de overige voorwaarden geen bespreking meer.

Gelet op het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat het UWV voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat geen sprake is geweest van een privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen de aanvrager van de uitkeringen en het administratiekantoor. Het lag dan ook op de weg van de aanvrager om met objectief en verifieerbaar tegenbewijs te komen. Hij heeft dit niet gedaan. Met het overleggen van loonstroken en de arbeidsovereenkomst heeft hij namelijk niet aangetoond dat hij daadwerkelijk werkzaamheden heeft verricht. Ook de in beroep overgelegde verklaringen van klanten die door de man zouden zijn geworven, maken dit niet anders. De rechtbank is van oordeel dat deze verklaringen niet objectief en verifieerbaar zijn, nu zij zijn opgesteld op verzoek van de aanvrager. Ook worden de verklaringen niet nader onderbouwd met objectieve stukken.

Rechtbank Den Haag, ECLI:NL:RBDHA:2023:9195

Categorie: Nieuws Tags: administratiekantoor, dienstverband, WW

Tags: administratiekantoor, dienstverband, WW

Gerelateerde artikelen

28 juli 2026

Overschrijding driemaandstermijn blokkeert 30%-regeling

17 juni 2026

Rechter fluit Rabobank terug over beëindiging bankrelatie met belastingadvies- en administratiekantoor

11 mei 2026

Vijlbrief: kabinet ‘komt met voorstel’ na ultimatum vakbonden

31 maart 2026

NOAB: software kan druk op IB-seizoen helpen verlichten

Docenten

Imke Bos
Martin de Graaf
Edwin de Witte
Martijn Bedaux
Marja van den Oetelaar
Winfred Merkus
Bram Lemmens
Ognjen Soldat
Martijn Paping
Martijn Paping
Debby Kettler
Debby Kettler
René van der Paardt
Kirsten Kievit
Hanneke Kroonenberg
Willem Veldhuizen
Alex Schrijver
Kees Beishuizen
Derwish Rosalia
Jeroen Knol
Casper Mons
jan wietsma
Jan Wietsma
Guney Bagislayici
Peter Kerkhof
Ewoud de Ruiter
Jan van Wijngaarden
Mike Wong
Rohalt Janssens
Daan van Antwerpen
Erik van Toledo
Heleen Elbert
Arnaud Booij
Chris Dijkstra
Patrick Wille
Koert van Loon
Ludo Mennes
Audrey Brunings
Kirsten Roskam
Matthijs van Keulen
Joost Severs
Martine Cranendonk
Léon de Jager
Pieter Kok
Tom Berkhout
Teunis van den Berg
Jasper van den Bergen
Joep Swinkels
Bob de Koning
Hans Tabak
Jurriën van der Heijden
Bernard Schols
Olga Jansen
Bob van Leeuwen
Bart Koreman
Rob van Oosterhout
Albert Heeling
Ron Mulder
Barry Willemsen
Tim van Wordragen
Rakesh Ghirah
John Bult
Jan Mooren
Chanien Engelbertink
Herman van Kesteren
Almer de Beer
Almer de Beer
Roger van de Berg
Aimée van der Paardt
Wilbert Nieuwenhuizen
Michiel Pouwels
Hans Geuns
Joost Diks

Blogs

  • Notaris kon btw op kosten niet volledig aftrekken! 13 weergaven
  • Verlegging van invoer-btw in Nederland: van vooruitstrevend naar achter de feiten aan lopen 6 weergaven
  • Hof van Justitie: verplichte vermelding op factuur bij toepassing vereenvoudigde ABC-regeling 4 weergaven
  • Goede doelen en btw; 5 tips waar je als goed doel aan moet denken 3 weergaven

Fiscaal Vanmorgen (FV) is het platform voor belastingadviseurs, fiscalisten, accountants en iedereen die geïnteresseerd is in fiscale opleidingen en fiscaal nieuws.

Fiscaal Vanmorgen is een uitgave van MOCuitgevers Vanmorgen.

 

Categorie

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière

Info

  • Over ons
  • Contact
  • Algemene voorwaarden MOCuitgevers Vanmorgen
  • Annuleringsvoorwaarden
  • Privacybeleid
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
Cookies
Om u beter van dienst te kunnen zijn, maakt Fiscaal Vanmorgen gebruik van cookies.
  • Ik ga akkoord
  • Instellingen
  • Functionele cookies zijn noodzakelijk voor de werking van deze website
  • We gebruiken Google Analytics, netjes geanonimiseerd
  • Annuleren
  • Ik ga akkoord

Instellingen