De zaak betreft een werknemer van een groothandel in ’s-Gravendeel die in oktober 2022 arbeidsongeschikt raakte. Na twee jaar ziekte ontving hij per oktober 2024 een WIA-uitkering. Vanaf dat moment was sprake van een slapend dienstverband: vast stond dat hij niet meer kon terugkeren en de werkgever was niet langer gehouden loon te betalen.
De werknemer verzocht om ontbinding van de arbeidsovereenkomst, toekenning van de transitievergoeding en uitbetaling van 312 niet-opgenomen vakantie-uren. Daarvan waren 152 uren opgebouwd vóór het einde van de loondoorbetalingsverplichting. De resterende 160 uren zouden volgens hem zijn opgebouwd in de periode waarin hij een WIA-uitkering ontving.
Opbouw vakantie
Op grond van het Burgerlijk Wetboek wordt vakantie opgebouwd over de periode waarin recht op loon bestaat. De werknemer betoogde dat deze bepaling wegens strijd met Europese regelgeving buiten toepassing moet blijven. De kantonrechter volgt dat niet. Vakantie is bedoeld om te herstellen van verrichte arbeid; bij een slapend dienstverband ontbreekt die arbeidsprestatie. Bovendien heeft een werknemer met een WIA-uitkering recht op vakantie met behoud van uitkering. Extra opbouw bij de werkgever zou volgens de rechter neerkomen op een dubbeltelling.
Het verzoek tot uitbetaling van de 160 uren wordt daarom afgewezen. De tot oktober 2024 opgebouwde vakantiedagen moeten wel worden uitbetaald, wat neerkomt op ruim € 2.300 bruto. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden onder toekenning van een transitievergoeding van € 6.783,25 bruto. De proceskosten worden gecompenseerd.
Tegenstrijdige uitspraken
De uitspraak is in juridisch opzicht opvallend, omdat de kantonrechter in Arnhem in augustus 2025 wel een werkgever veroordeelde om vakantiedagen uit te betalen die waren opgebouwd tijdens een slapend dienstverband. De kantonrechter Groningen kwam in december 2025 tot een tegenovergesteld oordeel: geen opbouw vakantiedagen tijdens slapend dienstverband. De kantonrechter in Dordrecht doet nu een soortgelijke uitspraak als die in Groningen. Ook de kantonrechter Rotterdam deed deze week een uitspraak in dezelfde lijn. De kantonrechter overweegt dat werknemers met een slapend dienstverband een WIA-uitkering of WW-uitkering ontvangen, waarin recht bestaat op vakantiedagen met behoud van uitkering. Als de werknemer in dezelfde periode ook nog betaalde vakantiedagen bij de werkgever zou opbouwen, dan is dat dus dubbelop.
