Dat blijkt uit een rapport van PwC. De fiscale bijdrage van het bedrijfsleven groeide daarmee harder dan de economie. De Nederlandse economie groeide in 2025 met 1,8 procent, terwijl de door bedrijven betaalde belastingen en premies met 6,8 procent stegen. De door bedrijven geïnde belastingen namen met 5,1 procent toe.
Barbara Baarsma, hoofdeconoom bij PwC, zegt: “Vergeleken met 2024 nam het bedrag aan betaalde belastingen en premies met 6,8 procent toe, terwijl de door bedrijven geïnde belastingen met 5,1 procent stegen. Gecorrigeerd voor inflatie resteert een reële groei van respectievelijk 3,4 procent en 1,7 procent. De directe belastingbijdrage van bedrijven – dus wat zij zelf afdragen – komt daarmee uit op meer dan een kwart (26,0 procent) van alle belasting- en premie-inkomsten van de overheid.”
De totale overheidsinkomsten stegen volgens het rapport naar 457,3 miljard euro, tegen 436,5 miljard euro een jaar eerder. Daarvan bestaat 68 procent uit belastingen en 32 procent uit sociale premies. Baarsma: “Daarmee stijgen de belastingontvangsten minder snel dan in 2024, maar de rol van het bedrijfsleven als drager van die inkomsten wordt wel groter.”
Bedrijven innen bijna helft belastingopbrengst
Uit het onderzoek blijkt verder dat bedrijven een belangrijke rol spelen bij het innen van belastingen. Bijna 44 procent van alle belasting- en premieontvangsten wordt door ondernemingen geïnd en afgedragen aan de Belastingdienst. Dat gebeurt via 21 verschillende belastingen en premies, waaronder loonbelasting, btw en sociale fondsen.
Vooral de opbrengsten uit loonbelasting en btw namen toe. De loonbelasting steeg met 4,5 miljard euro, terwijl de btw-opbrengsten met 3,9 miljard euro toenamen.
Keetie Jakma, expert Tax Policy bij PwC, wijst op de administratieve impact daarvan. “Deze inningstaak brengt aanzienlijke administratieve lasten met zich mee. Belastingen lopen via de kasstromen van bedrijven, terwijl zij voortdurend moeten inspelen op veranderende regels, tarieven en definities. In die zin functioneren bedrijven als een cruciale schakel tussen overheid en burgers.”
Vennootschapsbelasting stijgt fors
Aan de kant van de door bedrijven betaalde belastingen springt vooral de vennootschapsbelasting eruit. Die leverde in 2025 4,6 miljard euro meer op dan een jaar eerder, een stijging van 10,4 procent. Daarmee blijft de winstbelasting de grootste afzonderlijke belastingpost voor het bedrijfsleven.
Ook werkgeverslasten namen verder toe. Zo stegen de afdrachten aan fondsen voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid en zorg. Daarnaast nam de overdrachtsbelasting met 22,8 procent toe en groeide ook de werkhervattingskas met meer dan 20 procent.
PwC wijst er verder op dat het Nederlandse belastingstelsel versnipperd is. Nederland kent volgens het rapport 66 verschillende belastingen en sociale premies, waarvan er 52 relevant zijn voor het bedrijfsleven.
Volgens Jakma laat dat zien “dat een groot aantal relatief kleine heffingen zorgt voor veel uitvoeringslast, terwijl het merendeel van de opbrengst uit een beperkt aantal grote belastingen komt.”
PwC publiceerde het rapport op Verantwoordingsdag. Volgens Baarsma onderstrepen de cijfers het belang van een stabiel belastingstelsel. “De cijfers maken duidelijk dat naast de omvang van de belastingafdracht ook de voorspelbaarheid, uitvoerbaarheid en concurrentiekracht van het belastingstelsel van belang zijn voor het borgen van deze inkomsten.”
Het rapport is hier te vinden.
