Sinds 2026 kunnen particulieren elektriciteit die zij thuis aan een elektrische auto leveren, via een inboekdienstverlener laten registreren bij de Nederlandse Emissieautoriteit. De dienstverlener ontvangt daarvoor verhandelbare emissiereductie-eenheden, afgekort ERE’s. Een ERE staat voor een kilogram verminderde CO₂-uitstoot ten opzichte van het gebruik van fossiele brandstof.
De inboekdienstverlener kan de ERE’s verkopen en de opbrengst geheel of gedeeltelijk delen met de particulier. De hoogte van de uitkering hangt onder meer af van het aantal geregistreerde kilowatturen, de marktwaarde van de eenheden en de afspraken met de dienstverlener. Er geldt geen vaste opbrengst per geladen kilowattuur.
Geen loon van werkgever of derde
De Kennisgroep loonheffing algemeen onderzocht of de vergoeding loon vormt wanneer de geregistreerde elektriciteit is gebruikt voor het thuis opladen van een elektrische auto van de zaak. Volgens het op 3 augustus gepubliceerde standpunt is dat niet het geval.
De vergoeding wordt niet in opdracht en voor rekening van de werkgever verstrekt. Ook houdt het voordeel volgens de kennisgroep onvoldoende verband met de dienstbetrekking. Het behoort tot de persoonlijke sfeer van de werknemer en kan volgens de kennisgroep niet aan de dienstbetrekking worden toegerekend.
Van loon van een derde is evenmin sprake. Daarvoor zou het voordeel een beloning moeten zijn voor werkzaamheden die de werknemer in het kader van zijn dienstbetrekking heeft verricht. Het opladen van de auto geldt volgens het standpunt niet als zo’n werkzaamheid. De werknemer handelt daarbij als particuliere gebruiker van het stroomnet.
ERE-opbrengst kan laadvergoeding verlagen
De ERE-opbrengst kan wel gevolgen hebben voor de vergoeding van de elektriciteitskosten. Werkelijke kosten voor het opladen van een auto van de zaak kunnen als intermediaire kosten buiten de loonsfeer worden vergoed. Daarbij wordt uitgegaan van de integrale kostprijs per kilowattuur.
Volgens de kennisgroep verlaagt de vergoeding voor ERE-certificaten die integrale kostprijs. Bij een vergoeding op basis van de werkelijke laadkosten zal de ERE-opbrengst daarom in beginsel in de berekening moeten worden betrokken.
Dat kan anders liggen wanneer werkgever en werknemer zakelijke en marktconforme afspraken hebben gemaakt over de doorlevering van elektriciteit. In dat geval kan de ERE-vergoeding volgens de kennisgroep buiten beschouwing blijven. Voor de beoordeling is de marktprijs op het moment waarop de afspraken worden gemaakt bepalend.
Bekijk het standpunt hier.