Met name kleine en startende ondernemers zouden daardoor worden geraakt. “NOAB maakt zich zorgen over deze ontwikkeling en vraagt met klem aandacht voor de gevolgen voor het mkb”, meldt de organisatie in een statement.
Een belangrijk voorbeeld is volgens NOAB de zelfstandigenaftrek. Die bedroeg in 2019 nog 7.280 euro en daalt in 2027 naar 900 euro. Een ondernemer die aan het urencriterium voldoet, betaalt daardoor volgens berekeningen van de organisatie in 2027 3.424 euro meer inkomstenbelasting dan in 2019. Ook de mkb-winstvrijstelling is de afgelopen jaren versoberd. Tot en met 2023 bedroeg die 14 procent, sinds 2025 is dat 12,7 procent.
Regelingen voor starters verdwijnen
Voor startende ondernemers staan verdere versoberingen op stapel. De startersaftrek wordt in 2027 vrijwel volledig afgebouwd en verdwijnt in 2028. In datzelfde jaar wordt ook de Willekeurige Afschrijving Startende Ondernemers (WASO) afgeschaft. De startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid volgt in 2029.
Daarnaast worden de meewerkaftrek en de stakingsvrijstelling eerst fors verlaagd en vanaf 2030 volledig afgeschaft. NOAB zet die maatregelen af tegen de rol die van ondernemers wordt verwacht op het gebied van investeringen, innovatie, verduurzaming en werkgelegenheid.
Ook werkgevers en dga’s
De organisatie wijst ook op lasten voor ondernemers met een bv. Het lage tarief in de vennootschapsbelasting steeg in 2023 weer naar 19 procent, terwijl volgens NOAB ook de box 2-heffing op dividend in de loop der jaren is verhoogd.
Vanaf 2027 komt daar voor werkgevers een nieuwe heffing bij. Zij krijgen te maken met een eindheffing van 12 procent wanneer zij een fossiele auto voor privégebruik ter beschikking stellen aan een werknemer. Bij een auto met een cataloguswaarde van 40.000 euro komt dat volgens de berekening van NOAB neer op jaarlijks 4.800 euro extra belasting voor de werkgever.
Vooral bij het kleinbedrijf begint de stapeling volgens NOAB te knellen. Die ondernemers worden volgens de organisatie zowel geraakt door algemene belastingmaatregelen als door specifieke versoberingen van ondernemersregelingen.
“Van ondernemers verwachten we dat zij investeren, innoveren, verduurzamen en voor werkgelegenheid zorgen. Maar tegelijkertijd zien we de fiscale druk jaar na jaar toenemen. Vooral bij het kleinbedrijf is de rek eruit. Als we willen dat ondernemers de motor van onze economie blijven, moeten we daar oog voor hebben,” stelt de NOAB.
