• Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
  • Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
Fiscaal Vanmorgen

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
Home » Concurrentiebeding volgens rechter niet onredelijk, wel grens aan duur

Concurrentiebeding volgens rechter niet onredelijk, wel grens aan duur

Nieuws

Een junior accountmanager uit de AGF-sector mag vanaf 1 juli toch bij een concurrerende groothandel aan de slag, ondanks een concurrentiebeding dat oorspronkelijk tot september liep. De kantonrechter oordeelt dat het beding wel geldig en noodzakelijk is, maar dat een volledige duur van één jaar de werknemer te veel beperkt.

28 januari 2026 door Fiscaal Vanmorgen

De werkgever is een groothandelaar in de AGF-sector, met een focus op fruit. De werknemer werkte bij de werkgever op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Hij verkocht als junior accountmanager fruit dat door de werkgever was ingekocht.

De werknemer heeft zijn arbeidsovereenkomst opgezegd per 26 september 2025 en wil nu in dienst treden bij een concurrent. Volgens de werkgever overtreedt hij in dat geval het concurrentiebeding dat in de arbeidsovereenkomst staat. Op basis van dat beding mag hij tot 26 september 2026 niet in dienst treden bij een AGF-groothandel in de Benelux.

De werknemer eist dat de kantonrechter het concurrentiebeding per direct schorst, zodat hij bij het nieuwe bedrijf in dienst kan treden. Als de kantonrechter dat niet doet wil hij een vergoeding van € 24.000. De werkgever is het hier niet mee eens. Volgens de werkgever is het concurrentiebeding geldig en moet het ook in stand blijven.

De kantonrechter schorst het concurrentiebeding per 1 juli 2026.

Geldig concurrentiebeding

De kantonrechter gaat ervan uit dat sprake is van een geldig concurrentiebeding. Het staat namelijk in een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (artikel 7:653 lid 1 BW).

De werknemer stelt dat de werkgever het beding ook had moeten toelichten en dat erin had moeten staan welke werkzaamheden er precies onder vallen. Daar gaat de kantonrechter aan voorbij, want die eisen volgen niet uit de wet.

De kantonrechter gaat er verder vanuit dat het nieuwe bedrijf een concurrent van de werkgever is. In de dagvaarding lijkt ook de werknemer hiervan uit te gaan.

Omdat de kantonrechter voorlopig oordeelt dat het concurrentiebeding geldig is en dat het nieuwe bedrijf een concurrent is van de werkgever, is het uitgangspunt dat de werknemer niet in dienst mag treden bij het nieuwe bedrijf. Dat mag niet tot 26 september 2026, omdat de werknemer dan 1 jaar uit dienst is.

Noodzakelijk beding

Op basis van de wet kan het zo zijn dat het concurrentiebeding niet noodzakelijk is, of dat de werknemer te veel wordt benadeeld door het beding, in verhouding met het belang dat de werkgever erbij heeft (artikel 7:653 lid 3 BW).

De kantonrechter oordeelt dat het beding wel noodzakelijk is, maar dat het niet nodig is dat dit beding tot 26 september 2026 geldt, gelet op de belangen van de partijen.

Competitief

De AGF-sector is zeer competitief. Binnen die competitieve markt beschikt de werknemer naar voorlopig oordeel van de kantonrechter over informatie die de eerlijke concurrentie tussen de werkgever en het nieuwe bedrijf kan verstoren. Daarbij weegt nog extra mee dat het nieuwe bedrijf pas sinds mei 2025 bestaat. Het is dus een startende onderneming op zoek naar omzet en klanten. De werkgever heeft daarom extra reden om de werknemer aan zijn beding te houden.

Hoe langer de werknemer uit dienst is, hoe minder concurrentiegevoelig zijn kennis wordt.

Iets meer salaris

De werknemer zou er bij het nieuwe bedrijf iets op vooruitgaan. Hij zou er € 250 extra gaan verdienen. Dat is een lichte vooruitgang. De werkgever heeft aangevoerd dat hij die verhoging bij het bedrijf ook gehad zou hebben. Dat staat niet zwart op wit en het wordt door de werknemer betwist, maar zelfs als dat niet vast zou komen te staan, dan is dit slechts een relatief kleine vooruitgang. Ook de functie zou ongeveer hetzelfde blijven.

Voldoende andere mogelijkheden

De kantonrechter oordeelt verder dat de werknemer voldoende andere mogelijkheden heeft.

De werkgever heeft onbetwist gesteld dat de werknemer ook aan de slag kan bij een groothandel in een andere sector, zoals bijvoorbeeld de vleessector. Bovendien heeft de werknemer ook mogelijkheden om in de AGF-sector te gaan werken. De werkgever heeft zich namelijk flexibel opgesteld. Hij heeft met de werknemer meegedacht en aangegeven dat ze veel minder problemen zou hebben met een bedrijf in de groentesector.

Zelf arbeidsovereenkomst opgezegd

De werknemer heeft zelf de arbeidsovereenkomst opgezegd. Hij stelt dat het handelen van de werkgever daarvoor de aanleiding was.

Zelfs als de bestuurder in het telefoongesprek stevige woorden zou hebben gebruikt, dan nog betekent dit niet dat de enige optie voor de werknemer was om de arbeidsovereenkomst op te zeggen. Hij had ook het gesprek hierover aan kunnen gaan.

De kantonrechter gaat er vanuit dat de werknemer zelf heeft besloten om de arbeidsovereenkomst op te zeggen, zonder dat de werkgever daar een beslissende rol in heeft gehad.

Duur concurrentiebeding

Volgens de werknemer is de duur van het concurrentiebeding niet in een redelijke verhouding met de duur van zijn dienstverband. Dat standpunt volgt de kantonrechter niet. De werknemer is ongeveer 2,5 jaar in dienst geweest. In die periode heeft hij genoeg concurrentiegevoelige kennis kunnen opdoen.

De kantonrechter vindt het waarschijnlijk dat in een bodemprocedure zou worden geoordeeld dat het beding niet tot 26 september 2026 hoeft te gelden. Daarbij is vooral van belang dat de werkgever zelf heeft aangegeven dat het seizoen ongeveer tot mei of juni 2026 duurt.

Beding per 1 juli 2026 vernietigd

De kantonrechter vindt het aannemelijk dat het beding daarom in ieder geval per 1 juli 2026 zou worden vernietigd. Hij schorst het beding daarom per die datum.

Rechtbank Rotterdam, 18 december 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:14979

Categorie: Nieuws Tags: concurrentiebeding

Tags: concurrentiebeding

Gerelateerde artikelen

13 juli 2026

Blog | ‘Kritiek uit praktijk leidt tot verbeterd wetsvoorstel concurrentiebeding’

8 juli 2026

OESO: concurrentiebeding remt arbeidsmobiliteit en kan productiviteit schaden

1 juli 2026

‘Concurrentiebeding: van automatisme naar bewuste keuze’

29 juni 2026

Kabinet wijzigt regels platformwerkers en concurrentiebeding

Docenten

Kees Beishuizen
Rob van Oosterhout
Ognjen Soldat
Marja van den Oetelaar
Chris Dijkstra
Casper Mons
Martine Cranendonk
Olga Jansen
Tom Berkhout
Debby Kettler
Debby Kettler
Tim van Wordragen
Ewoud de Ruiter
Imke Bos
Heleen Elbert
Erik van Toledo
Jeroen Knol
Léon de Jager
Roger van de Berg
Patrick Wille
Aimée van der Paardt
Ron Mulder
Kirsten Roskam
Albert Heeling
Martijn Bedaux
Jasper van den Bergen
Bart Koreman
Jurriën van der Heijden
John Bult
Jan Mooren
Joost Severs
Joep Swinkels
Kirsten Kievit
Barry Willemsen
Mike Wong
Rohalt Janssens
Bernard Schols
Jan van Wijngaarden
Chanien Engelbertink
Teunis van den Berg
Almer de Beer
Almer de Beer
Hans Tabak
Martijn Paping
Martijn Paping
Michiel Pouwels
Arnaud Booij
Bob van Leeuwen
Koert van Loon
Pieter Kok
Winfred Merkus
Edwin de Witte
Hans Geuns
Hanneke Kroonenberg
Herman van Kesteren
Wilbert Nieuwenhuizen
Audrey Brunings
Bob de Koning
Matthijs van Keulen
Joost Diks
Willem Veldhuizen
Alex Schrijver
Daan van Antwerpen
Martin de Graaf
Rakesh Ghirah
Derwish Rosalia
Peter Kerkhof
Guney Bagislayici
Bram Lemmens
Ludo Mennes
René van der Paardt
jan wietsma
Jan Wietsma

Blogs

  • Notaris kon btw op kosten niet volledig aftrekken! 10 weergaven
  • Goede doelen en btw; 5 tips waar je als goed doel aan moet denken 7 weergaven
  • OSS en de USA ondernemer: de O staat voor onmogelijk 4 weergaven
  • Verlegging van invoer-btw in Nederland: van vooruitstrevend naar achter de feiten aan lopen 3 weergaven

Fiscaal Vanmorgen (FV) is het platform voor belastingadviseurs, fiscalisten, accountants en iedereen die geïnteresseerd is in fiscale opleidingen en fiscaal nieuws.

Fiscaal Vanmorgen is een uitgave van MOCuitgevers Vanmorgen.

 

Categorie

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière

Info

  • Over ons
  • Contact
  • Algemene voorwaarden MOCuitgevers Vanmorgen
  • Annuleringsvoorwaarden
  • Privacybeleid
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
Cookies
Om u beter van dienst te kunnen zijn, maakt Fiscaal Vanmorgen gebruik van cookies.
  • Ik ga akkoord
  • Instellingen
  • Functionele cookies zijn noodzakelijk voor de werking van deze website
  • We gebruiken Google Analytics, netjes geanonimiseerd
  • Annuleren
  • Ik ga akkoord

Instellingen