Dat meldt het Dagblad van het Noorden. Riemeijer moest vlak voor de verkiezingen afstand doen van het lijsttrekkerschap bij het CDA nadat hij geen Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) kon overleggen.
Kort daarna bleek hij een van de hoofdverdachten te zijn in een lopende strafzaak waarin het Openbaar Ministerie (OM) hem en enkele medeverdachten verdenkt van witwassen en valsheid in geschrifte in verband met coronasteun. Volgens het OM hebben de betrokkenen via onjuiste aangiftes van omzetbelasting TVL-steun gekregen, waarbij het om bedragen van enkele honderdduizenden euro’s gaat.
Eerdere terugtrekking bij CDA
Riemeijer, die van beroep accountant is en begin dit jaar al stopte met zijn eigen accountantskantoor, werd in november vorig jaar door de CDA-leden van Westerkwartier verkozen tot lijsttrekker. Later bleek dat hij vanwege het strafrechtelijke onderzoek geen VOG zou ontvangen.
Dat verraste Riemeijer naar eigen zeggen, hoewel er toen al wel een regiezitting in de strafzaak was geweest. “Geen moment had ik twijfel dat ik voor werkzaamheden in het openbaar bestuur geen VOG zou krijgen,” zei hij. Eerder werd zijn bezwaar tegen de afwijzing van de VOG niet-ontvankelijk verklaard. Voor zijn werk als accountant kreeg hij volgens het Dagblad van het Noorden onlangs nog wel een VOG.
Eigen partij
De CDA’er gaf aanvankelijk aan geen zitting te nemen in de gemeenteraad om mogelijke onrust te voorkomen. Riemeijer kiest er nu voor om alsnog raadslid te worden, los van het CDA. Hij beroept zich daarbij op de 831 stemmen die hij tijdens de gemeenteraadsverkiezingen behaalde. De accountant biedt vreemd genoeg wel zijn excuses aan voor de draai: “Vóór de verkiezingen heb ik verklaard dat ik een eventuele zetel niet zal innemen. Natuurlijk roept de gang van zaken vragen op. Daarvoor bied ik m’n excuses aan.”
De strafzaak rond Riemeijer en zijn medeverdachten wordt behandeld door het Functioneel Parket, gespecialiseerd in complexe fraudezaken. De inhoudelijke behandeling staat gepland voor eind oktober. Riemeijer blijft in het openbaar tot nu toe zijn onschuld bepleiten.
Bron: DvhN
