Volgens de politie maakte het netwerk maandelijks naar schatting meer dan 100 miljoen euro buit.
De hoofdverdachte, die de Israëlische en Poolse nationaliteit heeft, werd op 26 mei op verzoek van Nederland aangehouden op een luchthaven in Polen nadat hij vanuit Dubai was aangekomen. Inmiddels is hij aan Nederland overgeleverd. De rechter-commissaris heeft zijn voorlopige hechtenis met veertien dagen verlengd.
Twintig callcenters
Volgens de politie opereerde de organisatie als een professioneel bedrijf, met ongeveer twintig callcenters verspreid over meerdere landen. Vanuit die locaties benaderden honderden medewerkers slachtoffers die zich voordeden als financieel adviseur of accountmanager. Elk team richtte zich op een specifiek land.
In Nederland zijn ongeveer 550 aangiftes aan de organisatie gekoppeld. In België gaat het om circa tweehonderd aangiftes. De totale schade voor Nederlandse slachtoffers bedraagt bijna 25 miljoen euro. Wereldwijd zou de organisatie tienduizenden slachtoffers hebben gemaakt.
Het onderzoek werd uitgevoerd in nauwe samenwerking met de Belgische politie, Europol en opsporingsdiensten in meerdere landen. De Belgische politie hield vijf medewerkers van callcenters aan.
Nieuwe arrestaties
Op 7 juli werden op Cyprus twee Nederlanders van 45 en 34 jaar en een 34-jarige Belg aangehouden. Zij zouden als ‘financieel adviseur’ of accountmanager voor de organisatie hebben gewerkt. Op dezelfde dag werd in België een 25-jarige verdachte opgepakt. Drie dagen later volgde in Athene de arrestatie van een 44-jarige Nederlander zonder vaste woon- of verblijfplaats. De politie sluit verdere aanhoudingen niet uit.
Schijn van succesvol beleggen
De verdachten bouwden volgens de politie vaak maandenlang een vertrouwensrelatie op met potentiële beleggers. Slachtoffers begonnen met een relatief kleine inleg, waarna op een professioneel ogend online platform direct winst zichtbaar leek. In werkelijkheid werd het geld niet belegd. De ingelegde bedragen, vaak in cryptovaluta, verdwenen volgens de politie rechtstreeks naar de organisatie.
Uit het onderzoek blijkt dat veel slachtoffers pas laat ontdekten dat zij waren opgelicht. De politie heeft daarom gedurende het onderzoek ook mensen actief benaderd om verdere financiële schade te voorkomen.
Digitale infrastructuur uitgeschakeld
De organisatie was volgens de politie sinds ten minste 2021 actief. Medewerkers werkten onder pseudoniemen en maakten gebruik van technische middelen om hun identiteit en locatie te verhullen. De aangehouden hoofdverdachte zou dankzij zijn technische expertise een cruciale rol hebben gespeeld bij het afschermen van de organisatie. Uit openbaar beschikbare informatie blijkt dat hij eerder is vervolgd voor het hacken van buitenlandse overheidsorganisaties.
Door financieel en digitaal onderzoek, waaronder analyse van IP-adressen en onderzoek aan in beslag genomen apparatuur, kreeg de politie inzicht in de structuur van de organisatie. Dat leidde uiteindelijk tot het identificeren van meerdere verdachten en de locaties van verschillende callcenters.
Daarnaast zijn in samenwerking met commerciële aanbieders belangrijke onderdelen van de digitale infrastructuur van de organisatie offline gehaald. Via Europol is informatie over verdachten gedeeld met andere landen om verdere strafrechtelijke vervolging mogelijk te maken.
De politie waarschuwt gedupeerden ten slotte voor zogenoemde recoverybedrijven die beloven verloren geld terug te halen. Volgens de politie maken dergelijke partijen vermoedelijk deel uit van dezelfde criminele netwerken en proberen zij slachtoffers opnieuw geld afhandig te maken door vooraf een borg of vergoeding te vragen.
Het financiële onderzoek loopt nog. Daarbij wordt onderzocht of vermogensbestanddelen van de verdachten kunnen worden bevroren of in beslag genomen.
