De nieuwe verdachte is een 43-jarige Rotterdammer die op woensdag 16 september werd aangehouden. Hij wordt verdacht van belastingfraude, witwassen en deelname aan een criminele organisatie. De FIOD doorzocht zijn woning en drie bedrijfspanden in Capelle aan den IJssel. Daarbij is onder meer beslag gelegd op fysieke en digitale administratie, contant geld, een auto, een duur horloge, een woning, banktegoeden, vorderingen en ongeveer 5.000 goederen uit de bedrijfsvoorraad. De totale waarde van de in beslag genomen vermogensbestanddelen bedraagt ruim 3,5 miljoen euro.
De man is vrijdag 18 september voorgeleid aan de rechter-commissaris, die hem voor veertien dagen in bewaring stelde.
Legitieme handel als dekmantel
De aanhouding volgt op een eerdere actie in oktober 2025, waarbij twee mannen van destijds 54 en 36 jaar in Eindhoven werden aangehouden. Ook werd op verzoek van het Nederlandse onderzoeksteam een 70-jarige verdachte in Polen aangehouden. In Nederland vonden doorzoekingen plaats in Hilvarenbeek, Eindhoven, Dongen, Rosmalen, Amsterdam en Tilburg. Ook in België werd een pand doorzocht.
Het onderzoek begon na een signaal van de Belastingdienst. Meldingen van verdachte transacties bij de Financial Intelligence Unit (FIU) droegen eveneens bij aan het blootleggen van de vermoedelijke fraude.
Volgens de FIOD bestaat het vermoeden dat de verdachten een internationale fraudeketen hebben opgezet met bedrijven in Nederland en andere EU-landen. Binnen die keten zouden goederen en geld rondgaan om btw-fraude te plegen. Daarbij wordt gebruikgemaakt van zogenoemde ploffers: ondernemingen die wel btw ontvangen, maar deze bewust niet afdragen.
Uit nader onderzoek blijkt volgens de FIOD dat ook de onderneming van de 43-jarige Rotterdammer deel uitmaakte van de vermoedelijke fraudeketen. De man dreef daarnaast reguliere handel in goederen. Juist dergelijke ondernemingen zijn volgens de opsporingsdienst een belangrijke schakel in btw-carrousels, omdat hun legitieme handelsactiviteiten ervoor zorgen dat ze minder snel opvallen.
Miljoenen aan onterecht geclaimde voorbelasting
De FIOD vermoedt dat de onderneming van de Rotterdammer vanaf 2024 ten onrechte voorbelasting claimde voor goederen die afkomstig waren uit de btw-carrousel. Daardoor zou te weinig omzetbelasting zijn afgedragen. Ook zou de onderneming niet aan de wettelijke administratieplicht hebben voldaan, doordat een deel van de administratieve gegevens ontbrak of niet beschikbaar werd gesteld.
Het fiscale nadeel dat verband houdt met de onderneming van de nieuwe verdachte wordt voorlopig geschat op meer dan 4 miljoen euro. Bij de eerdere aanhoudingen in oktober 2025 meldde de FIOD dat het vermoedelijke nadeel voor de Nederlandse Belastingdienst in het toen onderzochte deel van de zaak meer dan 14 miljoen euro bedroeg. Uit de nieuwe berichtgeving blijkt niet of de ruim 4 miljoen euro boven op dat eerdere bedrag komt.
Het strafrechtelijk onderzoek staat onder leiding van het EOM. Daarbij wordt samengewerkt met opsporingsdiensten uit andere Europese lidstaten.
(Bron: FIOD)
