• Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
  • Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
Fiscaal Vanmorgen

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
Home » Dossiers » Hof van Justitie: lid Raad van Toezicht/Commissaris is niet btw-plichtig

Hof van Justitie: lid Raad van Toezicht/Commissaris is niet btw-plichtig

BTW
Kan de btw-heffing bij toezichthouders worden teruggedraaid?

In juni 2019 heeft het Europese Hof van Justitie uitspraak gedaan over de btw-plicht van een lid van een raad van commissarissen. In geschil was of het lid btw zou moeten betalen over de vergoeding die hij ontvangt voor de werkzaamheden als toezichthouder. Het Hof heeft bepaald dat de toezichthouder voor zijn werkzaamheden voor de RvC/RvT niet btw-plichtig is. Welke gevolgen heeft deze uitspraak voor de (toezichthouders van) uw organisatie?

4 juli 2019 door drs. Volken Holtrop
Start consult aanvraag

Voor de vraag of al niet sprake is van btw-plicht acht het Hof relevant dat de toezichthouder niet in eigen naam, niet voor eigen rekening, niet onder eigen verantwoordelijkheid werkt (maar onder verantwoordelijkheid van de RvC/RvT) en geen economisch bedrijfsrisico draagt (vaste vergoeding onafhankelijk van de gewerkte uren). Dat de toezichthouder niet in een verhouding van ondergeschiktheid werkt tot het bestuur of de andere leden van de RvT/RvC is onvoldoende om te komen tot btw-heffing. De uitspraak van het Hof van Justitie is van 13 juni 2019, zie http://curia.europa.eu/juris/document/document.jsf?docid=214942&doclang=NL.

Hoe was het geregeld tot de HvJ-uitspraak?

Vanaf 1 januari 2013 is de Belastingdienst van mening dat een toezichthouder (die een vaste vergoeding ontvangt) in vrijwel alle gevallen btw-plichtig is, omdat hij/zij een economische activiteit uitoefent en niet in een relatie van ondergeschiktheid staat tot het bestuur van de organisatie of andere toezichthouders. Als gevolg daarvan moet een toezichthouder btw in rekening brengen over de ontvangen vergoeding.

Dit houdt niet in dat een toezichthouder in alle gevallen btw in rekening heeft gebracht. Op grond van de Klein Ondernemersregeling (KOR) kan tot 31 december 2019 de voldoening van btw achterwege blijven als het per saldo verschuldigde btw-bedrag lager is dan € 1.345. Als dat het geval is, kan de toezichthouder tevens een ontheffing van de administratieve verplichtingen aanvragen. Als dat verzoek is gehonoreerd, mag de toezichthouder geen facturen met btw meer uitreiken en geen btw-aangifte doen.

Na de HvJ-uitspraak

Op basis van de uitspraak van het Hof van Justitie lijkt het erop dat vrijwel alle toezichthouders voor de toezichthoudende werkzaamheden niet meer btw-plichtig zijn. In dat geval kunnen ze geen factuur met btw meer uitreiken. De vergoeding is dan de netto-vergoeding zonder btw.

Dit geldt naar onze inschatting in ieder geval voor de toezichthouders zonder eigen onderneming, zoals bijvoorbeeld een werknemer die daarnaast een toezichthoudende functie bekleedt. Een toezichthouder die al btw-ondernemer is en vanwege zijn specifieke kennis zijn werkzaamheden verricht als lid van de RvT/RvC zou mogelijk voor deze werkzaamheden nog wel btw-plichtig zijn. Dit zou bijvoorbeeld kunnen gelden bij een zelfstandig advocaat die vanwege zijn specifieke juridische kennis wordt ingehuurd voor een toezichthoudende functie.

Anders dan het beleid van de Belastingdienst tot 1 januari 2013 voorschreef, lijkt het erop dat het aantal toezichthoudende functies niet relevant is. Het uitoefenen van een functie als toezichthouder is niet het uitoefenen van een zelfstandige economische activiteit. Wij verwachten dat het ministerie zich op korte termijn uit zal laten over deze btw-plicht in verschillende situaties. Mogelijk wordt alsdan ook duidelijk wat voor gevolgen deze uitspraak heeft voor de leden van bijvoorbeeld cliëntenraden, huurdersorganisaties, etc.

Wat moet de toezichthouder nu doen?

Voor de toezichthouders die zijn ontheven van de administratieve verplichtingen verandert er niets. Er werd niet met btw gefactureerd en er zal niet met btw gefactureerd worden.

Voor de toezichthouders die niet zijn ontheven van de administratieve verplichtingen en btw in rekening brachten over de vergoeding, wijzigt er wel wat. In principe moet in de komende facturen en btw-aangifte rekening worden gehouden met de uitspraak van het Hof. Het lijkt erop dat dan in veel gevallen btw-heffing niet meer aan de orde is en de toezichthouder dus geen btw meer mag factureren.

Wij kunnen ons echter voorstellen dat de uitspraak bij de toezichthouder leidt tot onzekerheid over de btw-plicht in specifieke situaties. De toezichthouder kan er dan de voorkeur aan geven te wachten tot het moment dat het ministerie zijn standpunt kenbaar heeft gemaakt. Ook kan de toezichthouder de btw-gevolgen met de Belastingdienst afstemmen. In dat geval zou uw organisatie afspraken met de toezichthouder kunnen maken over eventuele nabetaling of terugbetaling van de btw na deze standpuntinname. Een andere optie is tot de standpuntinname van het ministerie te wachten met de facturering.    

Het is afwachten of de Belastingdienst de in het verleden, naar nu blijkt, ten onrechte afgedragen btw zal teruggeven. Het beleid voor dergelijke teruggaven is vrij strikt. Hierbij kan ook van belang zijn of de btw op de facturen van de toezichthouder is vermeld, en of de onderneming/organisatie die de facturen heeft ontvangen de btw in aftrek heeft gebracht.

Reactie staatssecretaris van Financiën op HvJ-uitspraak

De staatssecretaris van Financiën heeft 5 juli 2019 Kamervragen beantwoord over de HvJ-uitspraak. Toegezegd is dat de btw-plicht van toezichthouders nog in een beleidsbesluit zal worden verduidelijkt (na cassatie tegen de uitspraak Hof Amsterdam 29 mei 2018, nr. 17/00346, ECLI:NL:GHAMS:2018:1696, over btw-belastbaarheid van vacatiegelden).

De HvJ-uitspraak heeft terugwerkende kracht, maar dat geldt volgens de staatssecretaris niet voor onherroepelijk vaststaande beschikkingen en (naheffings)aanslagen.

Gevolgen nieuwe KOR vanaf 2020 voor toezichthouders

Tot slot merken wij op dat deze uitspraak ook gevolgen kan hebben voor de toepassing van de nieuwe kleine ondernemersregeling (KOR) voor de toezichthouders, welke per 1 januari 2020 ingaat. In deze regeling kan een ondernemer met een kwalificerende omzet van minder dan € 20.000 verzoeken om ontheffing van administratieve verplichtingen.

Als gevolg van de HvJ-uitspraak lijkt de vergoeding voor de toezichthoudende functie nu buiten beschouwing te kunnen blijven bij het bepalen van de drempel. Voor andere activiteiten kan de toezichthouder uiteraard nog wel btw-plichtig zijn, zoals voor de exploitatie van zonnepanelen of de verhuur van een vakantiewoning.

Heeft u een case waarin een toezichthouder of commissaris gezien deze uitspraak van het Hof van Justitie onterecht btw in rekening heeft gebracht en vraagt u zich af wat de mogelijkheden zijn tot btw-teruggaaf, neem dan gerust contact op.

Auteur
Caraad Belastingadviseurs B.V.

drs. Volken Holtrop

Specialiteit(en): Btw, overdrachtsbelasting bij zorg en culturele instellingen
Groningen
Bekijk profiel

Gerelateerde dossiers

9 september 2025

Voorgestelde btw-herzieningsregels voor verbouwingsdiensten vanaf 2026

3 maart 2025

BTW-vrijstelling ook voor commerciële laboratoria

27 februari 2025

Nieuwsbericht beleidsbesluiten btw vrijstelling 

4 februari 2025

Hof Amsterdam snijdt weg af voor btw-besparing bij uitdividenden sportauto

Specialisten

Erik Jansen
Erik Marcus
Sazas Regresspecialist
Willem Veldhuizen RE RTAP
Amanda Vollemans
mr. drs. Wicher-Henk Krabbe
mr. Carola van Vilsteren
Kirsten Kievit LL.M
Hans Eijkelenkamp
mr. Reinder de Jong
mr. Peter Bregman RB
Marja van den Oetelaar
mr. Roelof Vos
Jeroen Bijl
mr. Laura Welkers
Mohamed Kaddour LL.M RB
mr. André van der Velde
drs. Volken Holtrop
Olaf van Dijk
Martijn Paping MSc
mr. Ralf Ramakers
Daan Durlacher
Ruben Scherpenisse
Jacques Raaijmakers
Paul Lenos LL.M
Sazas Adviseur Inkomen
mr. Samad Laghmouchi LLM MBA
prof. mr. Jeroen Rheinfeld
mr. Roel de Jong
mr. Michiel van der Pol
Frits Algie
mr. Toon Hasselman
mr. John Seerden
Michiel Opgenoort
Sazas Verzuimexperts
Nicole Goud
mr. Heleen Elbert
Aimée van der Paardt
drs. Pieter Visser RB
mr. Xander Arends
mr. Priscilla de Haas
Denny Vermeer
Jos van Bavel
Léon de Jager
mr. Khadija Bozia
mr. drs. John Bult
Alex Schrijver
mr. Nienke ten Donkelaar
Arnaud Booij
Jacqueline Nietveld
Martijn Bedaux
mr. Sjoerd Bosma
jan wietsma
Jan Wietsma
mr. Theo Hoogwout
Sazas WIA-experts
Ron Mulder

Fiscaal Vanmorgen (FV) is het platform voor belastingadviseurs, fiscalisten, accountants en iedereen die geïnteresseerd is in fiscale opleidingen en fiscaal nieuws.

Fiscaal Vanmorgen is een uitgave van MOCuitgevers Vanmorgen.

 

Categorie

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière

Info

  • Over ons
  • Contact
  • Algemene voorwaarden MOCuitgevers Vanmorgen
  • Annuleringsvoorwaarden
  • Privacybeleid
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
Cookies
Om u beter van dienst te kunnen zijn, maakt Fiscaal Vanmorgen gebruik van cookies.
  • Ik ga akkoord
  • Instellingen
  • Functionele cookies zijn noodzakelijk voor de werking van deze website
  • We gebruiken Google Analytics, netjes geanonimiseerd
  • Annuleren
  • Ik ga akkoord

Instellingen