• Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
  • Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
  • Spring naar de voettekst
  • Over ons
  • Contact
  • Adverteren
  • Nieuwsbrief
Fiscaal Vanmorgen

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière
Home » Dossiers » Gunstig besluit over verdeling eigenwoningverleden tussen partners bij gezamenlijke aankoop en financiering van eigen woning

Gunstig besluit over verdeling eigenwoningverleden tussen partners bij gezamenlijke aankoop en financiering van eigen woning

Eigen woning, Inkomstenbelasting, particulier
Let op: beroep op besluit kan soms ook ongunstig uitpakken

De Staatssecretaris heeft begin 2018 een besluit uitgevaardigd inzake de overheveling van het eigenwoningverleden naar de partner, ook al zijn ze niet in gemeenschap van goederen gehuwd. Dat maakt de aangifte een stuk eenvoudiger en meestal pakt dat ook fiscaal gunstig uit. Maar dat is niet altijd het geval, bijvoorbeeld als de eigenwoningrente aan de lage kant is.

20 april 2018 door mr. Xander Arends
Start consult aanvraag

In welke situatie geldt het goedkeurend besluit?

Indien partners gezamenlijk in een 50/50 verhouding een eigen woning kopen en deze ook gezamenlijk 50/50 financieren, komt de renteaftrek over de aangegane geldleningen deels in gevaar wanneer bijvoorbeeld een van beide partners over een eigenwoningverleden beschikt (bestaande uit o.a. een eigenwoningreserve en een bestaande eigenwoningschuld (BEWS) waarop het overgangsrecht van toepassing is geweest). De Wet IB 2001 regelt alleen voor de situatie van boedelmenging als gevolg van het aangaan van een huwelijk dat het eigenwoningverleden van de ene partner voor de helft overgaat op de andere partner. Omdat bij de aankoop van een eigen woning tijdens het huwelijk geen sprake is van boedelmenging, is deze wetgeving niet van toepassing. Voor deze situatie is goedkeurend beleid gepubliceerd door de Staatssecretaris van Financiën, d.d. 30 januari 2018, nr. 2018-1511

Mogelijk nadeel van de wet is dat lening voor eigen woning deels in box 3 terecht komt

Op grond van de wet wordt bij de aankoop van een eigen woning tijdens het huwelijk een eigenwoningreserve (EWR) alleen bij degene van wie die EWR is in aanmerking genomen bij de bepaling van de maximale eigenwoningschuld van die persoon. Ook wordt het recht op toepassing van het overgangsrecht op de eigenwoningschuld alleen bij die persoon in aanmerking genomen. Hierdoor ontstaat een probleem met betrekking tot de renteaftrek over de schulden die zijn aangegaan voor de gezamenlijk gekochte en gefinancierde woning. De andere partner zonder eigenwoningverleden kan diens deel van de woning om recht te hebben op renteaftrek alleen financieren met een lening die voldoet aan de wettelijke eis tot minstens annuïtaire aflossing. Als de partners gezamenlijk zowel een aflossingsvrije als een annuïtaire lening aangaan wordt van beide leningen de helft aan elk van beide partners toegerekend waardoor bij beide partners een deel van de aangegane leningen in box 3 terecht komen en renteaftrek over dat box 3-deel dus verloren gaat.

Goedkeuring voorkomt vermindering renteaftrek in box 1

Omdat dit ongewenst is heeft de Staatssecretaris van Financiën in een besluit vooruitlopend op wetgeving goedgekeurd dat op verzoek van beide fiscaal partners het eigenwoningverleden van de ene partner voor de helft overgaat op de andere partner. Hierdoor wordt een aanwezige eigenwoningreserve, aflossingsstand,  het aantal maanden dat reeds renteaftrek is genoten en het recht op toepassing van het overgangsrecht tussen beide partners 50/50 verdeeld. Het gevolg van deze toedeling is dat geen renteaftrek meer onnodig verloren gaat. Let op: is eenmaal om verdeling bij helfte verzocht dan kan dit in een later jaar niet meer worden teruggedraaid.

De goedkeuring is van toepassing op alle vormen van fiscaal partnerschap dus niet alleen op gehuwden maar ook op ongehuwd samenwonende fiscaal partners. De goedkeuring geldt met terugwerkende kracht tot 1 januari 2013. Onherroepelijk vaststaande aanslagen kunnen op verzoek worden verminderd. In geval van een andere eigendomsverhouding dan 50/50 kan om overeenkomstige toepassing van de goedkeuring worden verzocht.

Voorbeeld (ontleend aan het besluit)

Man heeft in 2016 een eigen woning verkocht waarvoor hij vijf jaar aftrek van eigenwoningrente heeft genoten. Op de eigen woning rustte een bestaande eigenwoningschuld (BEWS) van € 200.000. Bij verkoop is een eigenwoningreserve (EWR) van € 100.000 gerealiseerd. Vrouw heeft geen eigenwoningverleden. M en V kopen in 2017 samen een woning van € 400.000 en financieren de aankoop met een gezamenlijke annuïteitenhypotheek van € 100.000, een gezamenlijke aflossingsvrije hypotheek van € 200.000 en € 100.000 eigen vermogen van M. M en V zijn elkaars partner. Zowel M als V hebben een aandeel van 50% in de woning. De verwervingskosten eigen woning bedragen voor zowel M als V € 200.000. Daartegenover staat dat beiden een aandeel van 50% hebben in de annuïteitenhypotheek van € 100.000 en de aflossingsvrije hypotheek van € 200.000.

Uitwerking op basis van de huidige wettelijke regeling

M heeft een EWR van € 100.000 en voor M is het overgangsrecht van toepassing. M heeft rekening houdend met € 200.000 verwervingskosten en zijn EWR van € 100.000 nog een BEWS van € 100.000 waarvoor nog 25 jaar recht op renteaftrek bestaat en fiscaal de aflossingseis niet geldt. Voor V kan alleen renteaftrek worden verkregen indien haar schuld voldoet aan de sinds 1 januari 2013 geldende aflossingseis.

Voor M geldt dat:

  • Van zijn deel van de hypotheek van € 150.000 slechts € 100.000 wordt aangemerkt als BEWS, daarvoor heeft M 25 jaar recht op renteaftrek;
  • € 50.000 valt in box 3 vanwege zijn EWR.

Voor V geldt dat:

  • Van haar deel van de hypotheek van € 150.000 slechts € 50.000 wordt aangemerkt als EWS. Het aflossingsvrije deel van € 100.000 voldoet niet aan de aflossingseis en valt in box 3;
  • V 30 jaar recht op renteaftrek heeft over haar aandeel in de annuïtaire hypotheek van € 50.000.

Uitwerking op basis van het besluit indien M en V een beroep doen op de goedkeuring

Als M en V een beroep doen op de goedkeuring gaat het eigenwoningverleden van M voor de helft over op V. Het eigenwoningverleden van M bestaat uit een EWR van € 100.000 en het recht op overgangsrecht voor € 200.000 waarvoor nog 25 jaar recht op renteaftrek bestaat.

Voor M en V geldt dat:

  • Het gehele bedrag van hun eigen deel van de hypotheek van € 150.000 per persoon wordt aangemerkt als EWS. De EWR van zowel M als V van € 50.000 wordt volledig in mindering gebracht op de verwervingskosten van zowel M als V van € 200.000;
  • Van de hypotheek van € 150.000 per persoon € 100.000 wordt aangemerkt als BEWS. Daarvoor hebben M en V beiden 25 jaar recht op renteaftrek;
  • De resterende € 50.000 per persoon wordt aangemerkt als EWS en daarvoor geldt voor M en V een nieuwe termijn van 360 maanden aflossen en renteaftrek.

Als gevolg van het beroep doen op het besluit ‘verliest’ M € 100.000 overgangsrecht maar raakt daardoor ook € 100.000 renteaftrekverleden kwijt en kan M voor dat bedrag weer 360 maanden renteaftrek krijgen voor de annuïtaire hypotheek. Ook halveert de EWR van M tot € 50.000.
V ‘krijgt’ een EWR van € 50.000 en een BEWS van € 100.000 waarvoor nog 25 jaar recht op renteaftrek bestaat, maar V ‘verliest’ € 100.000 eigenwoningschuld waarvoor nog 360 maanden recht op renteaftrek bestond maar waarvoor wel de aflossingseis zou gelden.
Het resultaat van het door M en V gezamenlijk beroep doen op de goedkeuring van dit beleidsbesluit is dat de gehele gezamenlijke schuld van € 300.000 voor de helft bij M en V wordt aangemerkt als eigenwoningschuld terwijl op basis van de huidige wet van de schuld van € 300.000 slechts € 150.000 bij M en V tezamen zou worden aangemerkt als eigenwoningschuld en de overige € 150.000 bij M en V tezamen een box 3-schuld is.

Let op: goedkeurend besluit pakt niet altijd voordelig uit

In het bovengenoemde voorbeeld is het waarschijnlijk fiscaal voordelig om een beroep te doen op het goedkeurend besluit. Maar iedere zaak steekt net weer anders in elkaar, dus mogelijk pakt het voor M of V het besluit dan juist fiscaal nadelig uit. Dat kan ook zo zijn als de eigenwoningrente aan de lage kant is: een aftrek in box 3 kan dan meer opleveren.

Neem gerust contact met mij op, indien u hierover vrijblijvend van gedachten wilt wisselen.

Auteur
FBN Juristen notarieel & fiscaal

mr. Xander Arends

Specialiteit(en): Aanmerkelijk belang, terbeschikkingstellingsregeling, eigenwoningregeling, periodieke uitkeringen
Amsterdam
Bekijk profiel

Gerelateerde dossiers

2 maart 2026

Hoe de belastingschade ontstaan door het UWV wel degelijk verhaald kan worden

26 september 2024

Tijdig advies kan boetes bij Nederlanders met Amerikaanse belastingplicht voorkomen

8 januari 2024

Komt er een einde van de Villataks?

9 mei 2023

Over informatieverplichting van belastingplichtigen en dwangsommen

Specialisten

Alex Schrijver
Jacques Raaijmakers
mr. drs. John Bult
mr. Roel de Jong
mr. Carola van Vilsteren
mr. Reinder de Jong
Frits Algie
Ruben Scherpenisse
Willem Veldhuizen RE RTAP
mr. Michiel van der Pol
Sazas Regresspecialist
Marja van den Oetelaar
Léon de Jager
Olaf van Dijk
Kirsten Kievit LL.M
mr. Ralf Ramakers
mr. Heleen Elbert
drs. Volken Holtrop
mr. Samad Laghmouchi LLM MBA
drs. Pieter Visser RB
jan wietsma
Jan Wietsma
mr. Toon Hasselman
Erik Jansen
Mohamed Kaddour LL.M RB
Jos van Bavel
Jeroen Bijl
Erik Marcus
Sazas Adviseur Inkomen
Daan Durlacher
Hans Eijkelenkamp
Paul Lenos LL.M
Ron Mulder
mr. Laura Welkers
Aimée van der Paardt
Martijn van der Kroon
mr. John Seerden
Geert Witlox
mr. Priscilla de Haas
mr. Xander Arends
Martijn Paping MSc
mr. Sjoerd Bosma
mr. André van der Velde
mr. drs. Wicher-Henk Krabbe
Sazas Verzuimexperts
Nicole Goud
Martijn Bedaux
Jacqueline Nietveld
mr. Theo Hoogwout
prof. mr. Jeroen Rheinfeld
mr. Roelof Vos
Amanda Vollemans
Arnaud Booij
mr. Khadija Bozia
Sazas WIA-experts
Michiel Opgenoort
mr. Peter Bregman RB
mr. Nienke ten Donkelaar

Fiscaal Vanmorgen (FV) is het platform voor belastingadviseurs, fiscalisten, accountants en iedereen die geïnteresseerd is in fiscale opleidingen en fiscaal nieuws.

Fiscaal Vanmorgen is een uitgave van MOCuitgevers Vanmorgen.

 

Categorie

  • Opleidingen
  • Summercourse
  • E-learnings
  • Incompany
    • Incompany gemeenten
  • Docenten
    • Blogs
  • Nieuws
  • Specialisten
  • Dossiers
  • Vacatures
    • Kantoren
    • Carrière

Info

  • Over ons
  • Contact
  • Algemene voorwaarden MOCuitgevers Vanmorgen
  • Annuleringsvoorwaarden
  • Privacybeleid
  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Mail
Cookies
Om u beter van dienst te kunnen zijn, maakt Fiscaal Vanmorgen gebruik van cookies.
  • Ik ga akkoord
  • Instellingen
  • Functionele cookies zijn noodzakelijk voor de werking van deze website
  • We gebruiken Google Analytics, netjes geanonimiseerd
  • Annuleren
  • Ik ga akkoord

Instellingen