Exploitanten van sportaccommodaties hoeven in 2019 niet meer het lage btw-tarief (in 2019: 9%) af te dragen, maar verliezen daarentegen hun recht op aftrek van btw (meestal 21%). Het btw-voordeel waarvan zij per saldo thans meestal profiteren, raken zij hiermee kwijt. Ik zet voor u de wijzigingen in de wet- en regelgeving op een rij. Tevens zal ik de aangekondigde subsidieregelingen en overgangsrecht toelichten.
Check de naheffingsaanslag BTW; voorkom teveel BTW-afdracht en boetes
Een naheffingsaanslag BTW betekent dat er iets niet goed is gegaan. Is er niet of te laat aangifte gegaan? Of is er niet op tijd betaald? Het kan ook een combinatie zijn van beide. Wellicht is de ondernemer daar niet schuldig aan, maar is er bij de Belastingdienst iets fout gegaan. Belangrijk is in ieder geval dat actie wordt ondernomen.
Fiscaal voordeel bij (ver)nieuwbouw zorgvastgoed
Een zorginstelling verleent voor het leeuwendeel vrijgestelde prestaties, waarvoor geen recht bestaat op btw-vooraftrek. Bij investeringen in vastgoed is van belang het btw-nadeel zo laag mogelijk te houden. Denk daarbij ook aan de overdrachtsbelastingheffing. Welke mogelijkheden zijn er zoal om de belastingdruk zo laag mogelijk te houden en meer geld over te houden voor investeringen in de zorg?
Terugvragen buitenlandse BTW voor 1 oktober 2018
Steeds meer ondernemers doen inkopen in andere EU-landen. Op deze inkopen wordt door de buitenlandse leverancier of dienstverrichter vaak buitenlandse BTW in rekening gebracht als het bijvoorbeeld gaat om hotelovernachtingen, deelname seminars, taxikosten, benzinekosten en huur van een auto. De Nederlandse ondernemer kan de buitenlandse BTW niet in de reguliere Nederlandse BTW-aangifte terugvragen. Door een verzoek in te dienen bij de Nederlandse Belastingdienst kan de in andere EU-landen betaalde BTW toch worden teruggevraagd.
Bitcoins (cryptocurrency) en belasting: FAQ
Bitcoins en andere vormen van cryptocurrency worden steeds populairder. Dat doet ook de vragen omtrent de belastingen op cryptocurrency toenemen. Hieronder vind je een overzicht van de meest gestelde vragen en de bijbehorende antwoorden.
Teruggaaf btw op oninbare vorderingen
De procedure voor het terugvragen van btw bij oninbare vorderingen is, zoals reeds bekend, per 1 januari 2017 gewijzigd. Een belangrijke datum in deze wijziging is 1 januari 2018. Vanaf deze datum wordt namelijk de oninbaarheid bij fictie vastgesteld voor vorderingen die vóór 1 januari 2017 opeisbaar waren, maar nog niet zijn betaald.
Nieuw besluit van 29 juni 2018 over maatstaf van heffing BTW
BTW is verschuldigd over de vergoeding die aan een ondernemer wordt betaald voor een levering of dienst. In een recent besluit zijn diverse standpunten over de vergoeding in de BTW samengevoegd en geactualiseerd. Hierna gaan wij kort in op een aantal relevante onderdelen van het besluit.
Subsidie veelal niet van invloed op (Pre) pro-rata BTW
BTW die drukt op kosten met betrekking tot goederen en diensten die worden gebruikt voor BTW belaste handelingen kan in aftrek worden gebracht. BTW op goederen en diensten die worden gebruikt voor vrijgestelde of niet economische handelingen kan niet in aftrek worden gebracht. Ondernemers die zowel belaste handelingen verrichten als vrijgestelde en/of niet economische handelingen moeten BTW op kosten splitsen.
Verhuur ligplaatsen is voor BTW geen gelegenheid geven tot sportbeoefening
Ondernemers die zich bezighouden met het faciliteren van sportbeoefening kunnen te maken krijgen met twee verschillende BTW-tarieven, namelijk het 6%-tarief en het 21%-tarief. Het gelegenheid geven tot sportbeoefening is belast met 6% BTW. Daarbij is van belang dat er een accommodatie ter beschikking wordt gesteld met bijkomende dienstverlening, zodat sport kan worden beoefend. Watersportverenigingen die ligplaatsen ter beschikking stellen mogen echter niet het 6%-tarief toepassen, zo blijkt uit een arrest van 15 juni 2018.
Zorg voor goede vastlegging bij btw-aftrek relatiegeschenken en personeelsverstrekkingen
Ondernemers die btw-belaste prestaties verrichten, kunnen de btw op kosten en investeringen in aftrek brengen. In sommige gevallen geldt er echter een uitsluiting van aftrek. Dit is met name het geval bij personeelsverstrekkingen en bij relatiegeschenken of andere giften, indien de relatie of de begiftigde de btw zelf niet of niet geheel in aftrek zou kunnen brengen als de btw aan hem in rekening zou zijn gebracht. Er geldt een drempel van € 227 aan kosten per persoon per jaar. Als de drempel wordt overschreden, geldt er een uitsluiting van de aftrek op basis van het Besluit Uitsluiting Aftrek Omzetbelasting 1968 (hierna: BUA). De gedachte hierachter is dat de wetgever wil voorkomen dat er recht op btw-aftrek bestaat ter zake van kosten die uiteindelijk worden gemaakt voor het bevredigen van behoeften van andere dan ondernemers of ten behoeve van vrijgestelde prestaties.
